Politiek boodschappen doen

Vandaag ging ik boodschappen doen. Ik had niet veel nodig: wat biologisch rundergehakt en twee handsinaasappelen. Kindlief en ik houden van variatie en er lagen alleen nog maar appels in de fruitmand. Ik moest ook een pakje voor Zalando op de bus doen en dat kan bij mijn boodschappenwinkel: je legt gewoon je pakje bij je boodschappen en ze regelen het voor je. Zo op het eerste gezicht een niet al te ingewikkelde situatie dacht ik zo. Tot ik in de rij een jongen van 10 met een missie trof.

‘Mevrouw, Wilders is toch een racist?’ Oke dacht ik, wacht even. Gekke situatie: ik doe boodschappen, sta nietsvermoedend in de rij en wil afrekenen. Nieuwe situatie ook; ik heb nog nooit politieke discussies in de rij van de kassa gevoerd en als ik ze al zou horen, zou ik me ervoor afsluiten. Politiek en boodschappen doen zijn niet zo goed te combineren vind ik. Ik kijk om me heen en zie de opgeluchte gezichten van de andere klanten om me heen met van die gedachtewolkjes: Oh wat fijn dat ik die mevrouw niet ben, wat zal ze zeggen en vooral: schiet even op. Geen publiek waar je op kan terugvallen en ook de caissière geeft totaal geen sjoege: ik sta er alleen voor. ‘Eh’, zeg ik: ‘Ik had niet verwacht dat ik tijdens het boodschappen doen stelling in een politieke discussie moest nemen.’ De jongen keek mij niet-begrijpend aan en druipt met zijn vriendjes af. Ik betaal, krijg het ontvangstbewijs en zie vanuit mijn ooghoeken het kereltje met zijn vriendjes al vrolijk bij de deur wachten. De missie is nog niet volbracht.

Ik kijk de jongens niet aan en loop naar de deur en net als ik een stap buiten zet, staat het mannetje alweer voor mij met zijn vriendjes in de luwte. ‘Mevrouw, u doet nu geen boodschappen meer dus Wilders is toch een racist?’ Ik neig naar een lesje in zuiver redeneren en drogredenen maar deze jongeman is pas 10 en ik wil gewoon naar huis zonder hem het gevoel van Zie-Je-Nou-Wel te geven. ‘A mos. Alles chill? Ik ben dan wel een Bakra maar geen Bakroe en jij bent hier met je B-Boys dus eefentjes serieus: Ben je lauw? Ik ga me nu niet dieken met deze palla.’ zeg ik. Hij kijkt me geschrokken aan met precies dezelfde blik als de mijne een paar minuten eerder, daar bij mijn sinaasappelen en rundergehakt.

Ik kijk hem vriendelijk aan en zeg: ‘Zo’n code he, bijvoorbeeld die van straattaal. Het is de code van respect in een bepaalde groep en ik houd mij daar aan. Ik spreek jou niet in straattaal aan als ik jou tegenkom maar je hoort een onbekende ook niet in de rij van de kassa om haar politiek standpunt te vragen. Ik wil best met jou praten over goed en kwaad, over ja en nee, over racisme en discriminatie maar niet in de rij van de kassa, niet op straat. Zal ik een keer op je school hierover met je in gesprek gaan, met je klasgenootjes en je juf of meester erbij?’

Ik zie hem naar woorden en uitvluchten zoeken en blijf hem vriendelijk aankijken om te laten merken dat ik dit zeg omdat ik dit meen en niet omdat ik gelijk wil halen. Het is een oneerlijk gevecht en er zijn alleen maar verliezers, schiet door mijn hoofd. ‘Oke mevrouw’, mompelt de jongen en hij rent met zijn vriendjes weg. Zodra de jongens om de hoek zijn en ik met mijn hoofd alweer bij andere gedachtes ben, hoor ik hem keihard k*h* roepen. Oke: eerlijk is eerlijk. Zijn missie niet geslaagd? Mijn missie ook niet geslaagd. Zowel politiek als opvoeden combineren niet goed met boodschappen doen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *